Mensen kijken al honderden jaren lang gefascineerd naar de hemel, de sterren en de planeten. De ruimte is een onderwerp waarin, tot op vandaag, nog vele vragen onbeantwoord blijven.

Een onderwerp waar nog niet veel over geweten is, is donkere energie of donkere materie. Dit zijn donkere vormen van energie en materie die alleen kunnen waargenomen worden door het effect dat ze op andere objecten hebben. Niemand weet precies wat er zich precies bevindt in een zwart gat of wat er gebeurt als er iemand in valt.

Astronomie het onderzoek van de zon, de maan, de planeten, de sterreen, gas, kometen, sterrenstelsels, stof, en andere fenomenen die buiten de aarde liggen.

Je hebt twee verschillende soorten astronomen: waarnemende astronomen en theoretische astronomen. Theoretische astronomen analyseren hoe bepaalde verschijnselen mogelijk verder gaan evolueren en waarnemende astronomen houden zich rechtstreeks bezig met de studie van het heelal.

Het verschil met andere wetenschappen is dat astronomen nooit iets kunnen observeren van begin tot einde. Onze planeten gaan immers eeuwenlang mee. Astronomen kunnen dus enkel bepaalde stadia van hemellichamen observeren en op basis daarvan analyseren op welke manier ze zijn ontstaan en hoe ze gaan evolueren.

De verschillende takken binnen de astronomie

Astronomie is een heel ruim begrip, met uiteraard de filosofie van het universum inbegrepen. Er zijn verschillende subcategorieën van astronomie. Hieronder vind je een klein overzicht.

  • Planetaire astronomen bestuderen het tot stand komen, de ontwikkeling en het uitsterven van de verschillende planeten. De meesten daarvan richten zich op het bestuderen van de hemellichamen in ons zonnestelsel.
  • Stellaire astronomen onderzoeken de sterren, witte dwergen, nevels, zwarte gaten en supernova’s. Ze houden zich bezig met de chemische en fysische processen die plaatsvinden in de ruimte.
  • Zonne-astronomen richten zich op de studie van onze zon om zo ook te kunnen achterhalen op welke wijze de andere sterren functioneren.
  • Galactische astronomen onderzoeken ons sterrenstelsel.
  • Kosmologen focussen zich op de ruimte in zijn geheel en dit vanaf het ontstaan ervan tot de huidige evolutie.

Het gebruik van telescopen

Om de planten en sterrenstelsels in de ruimte te kunnen bestuderen gebruiken astronomen verschillende golflengtes van het magnetisch spectrum. Wanneer lichtgolven een bepaalde mate van energie dragen, gaan ze sneller of trager bewegen. Om deze golflengtes te bestuderen worden er verscheidene telescopen gebruikt. Er kunnen verschillende soorten stralingen waargenomen worden zoals röntgenstraling, infrarood, ultraviolette straling, gammastraling en radiostraling. De meeste waarnemingen worden genomen met telescopen die vanop afstand (de aarde) kunnen bediend worden en in de ruimte zelf door telescopen die bestuurd worden door computers. Vervolgens gaan astronomen de gegenereerde gegevens en afbeeldingen verder bestuderen.

Meteoren of vallende sterren

Iedereen kent meteoren of vallende sterren die in een flits aan de sterrenhemel verschijnen. Deze flitsen hebben echter niets met sterren te maken. Het zijn eigenlijk kleine stukjes steen en stof die meestal niet groter zijn dan een zandkorrel en die toevallig in de aardatmosfeer terecht komen. Dit steenbrokje noemen we voor het de atmosfeer binnendringt, een meteoroïde. De meteoroïde dringt de atmosfeer aan zo’n grote snelheid binnen waardoor het materiaal gaat verliezen. De vallende sterren zoals wij ze kunnen zien zijn moleculen van de meteoroïde die door de hitte uit elkaar worden geslagen.