Over wat ruimte is en hoe het ontstaan is, werd al veel gezegd en geschreven. Vandaag de dag wordt er nog veel onderzoek gedaan over wat het universum precies is en of er een verband is met tijd en hoe we dit als mens kunnen vatten. Grote filosofen van vroeger hebben allemaal een andere visie en mening over dit onderwerp. Hieronder lees je er een paar. Niet iedereen heeft de behoefte om na te denken over dingen die moeilijk te vatten zijn… Reis de ruimte in met een slotspel, indien de filosofie van het universum jou niet echt kan bekoren!

Leibniz

Leibniz geloofde dat God tijdens de schepping de beste wereld van alle mogelijke andere werelden heeft geschapen. Als er een andere betere mogelijkheid zou zijn, zou God deze betere wereld niet gekend of gewild hebben. Maar waarom is er dan in een volmaakte wereld een overvloed aan lijden, onvolmaaktheden en zonde?

Leibniz maakt een onderscheid tussen drie soorten kwaad: het fysieke kwaad, het morele kwaad en het metafysische kwaad. Die laatste omvat de sterfelijkheid van onze planeet. Dit kwaad was voor God onvermijdelijk omdat Hij een ‘universum’ moest creëren. Geschapen wezens kunnen niet volmaakt zijn, want anders waren ze gelijk aan God, dit is het fysieke kwaad. Er moeten dus onvolmaaktheden bestaan.

Newton

Isaac Newton kon uitleggen waarom we niet van de aarde af vallen. Hij was een filosoof, natuurkundige, wiskundige, sterrenkundige, alchemist en theoloog. Hij stelde drie bewegingswetten op:

  • Wet van de traagheid: een voorwerp verkeert in rust als er geen kracht op wordt uitgeoefend. Het is dan bewegingsloos. Om een beweging te maken heb je kracht nodig.
  • Wet van kracht en beweging: de verandering van een beweging is evenredig aan de kracht die op het object wordt uitgeoefend.
  • Wet van actie en reactie: deze wet zegt dat de kracht dat een object uitoefent op een ander object (een gelijke) een tegengestelde reactie teweegbrengt.

Na het opstellen van deze wetten bestudeerde Newton de vraag waarom objecten kunnen vallen en waarom planeten in hun baan kunnen blijven. Hij was de eerste man die het begrip zwaartekracht een vorm gaf.

Kant

Volgens Kant kunnen we objecten door middel van onze zintuigen waarnemen, maar onze zintuigen geven niet alles weer zoals het werkelijk is. Alles wat we waarnemen wordt door onze zintuigen verwerkt. De tussenkomst van onze zintuigen zorgt ervoor dat alles wat we waarnemen beïnvloed wordt door voorgaande ervaring en kennis. Als mens kunnen we dus nooit een zuiver beeld krijgen van wat de echte werkelijkheid is. Kant beweerde dat er twaalf verschillende manieren zijn waarop het brein ervaringen ordent. Zo denken we bijvoorbeeld dat alles wat gebeurt het gevolg is van een gebeurtenis die eraan voorafgaat. Volgens Kant moeten we alle kennis die verkregen werd uit menselijke waarnemingen in twijfel trekken. En om de aard van de dingen te onderzoeken, moeten we eigenlijk ook onze zintuigen bestuderen zoals we de wereld zelf bestuderen.